Tieners, wees vrij!

Ik schrijf dit om tieners te bevrijden. Ik schrijf om tieners aan te moedigen om te leven als vrije mensen (1 Petrus 2:16). Wees wijs en sterk en vrij van de slavernij van wereldgelijkvormigheid. Met andere woorden, ik roep tieners op tot een radicale, vechtlustige levensstijl.

Waar komt het begrip “tieners” vandaan?

Wist je dat het begrip “tieners” pas zeventig jaar geleden ontstaan is? Vóór de Tweede Wereldoorlog bestond het woord “tiener” niet. Er was geen derde categorie tussen kinderen en volwassenen in. Je was een kind, en dan werd je een jongvolwassene.

Nog maar honderd jaar geleden zou je op je dertiende een belangrijke rol vervuld hebben op de boerderij of in het bedrijf van je vader – of in de keuken en de werkkamer van je moeder. Op je zeventiende zou je klaargestoomd zijn voor loonwerk of huishoudelijk werk. Vóór je twintigste zou je getrouwd zijn en een paar jaar later zou je een goede man en vader – of vrouw en moeder – zijn.

Mijn bedoeling is dat jullie bevrijd worden door de waarheid.

Je vindt het misschien moeilijk om je die situatie voor te stellen. Ik zeg ook niet dat we terug kunnen of terug moeten willen naar die tijd. Mijn bedoeling is dat jullie bevrijd worden door de waarheid. De waarheid dat je niet hoeft te voldoen aan de verwachtingen die je vrienden of de cultuur je opleggen. Die waarheid zal jullie bevrijden.

Tieners hebben vaak weinig historisch besef. Die onwetendheid leidt tot een soort slavernij. De meeste tieners zijn slaaf van de verwachtingen van hun vrienden en de enorme industrie die hun kleding, muziek, technologie en entertainment verkoopt.

Deze slavernij is zo fijn en wordt zo consequent beloond dat je meestal niet eens denkt aan de mogelijkheid om vrij te zijn van de houdgreep van de tienercultuur. Maar als je vanuit de geschiedenis weet dat het ook anders kan, kun je de vrijheid krijgen om een radicaal en “strijdlustig” leven te leiden in de naam van Jezus.

Wat betekende “tiener” 70 jaar geleden?

In 1944, toen het begrip “tiener” nog maar net bestond, schreef het Amerikaanse tijdschrift Life over het nieuwe verschijnsel. Een citaat uit het artikel:

Er is een periode in het leven van ieder Amerikaans meisje waarin deel zijn van de massa andere meisjes, precies hetzelfde handelen en praten en je hetzelfde kleden het belangrijkste op aarde is. Dat is de tienertijd.

Niet zo’n mooi begin dus voor de betekenis van de term “tiener”. In zestig jaar tijd is er nog niet veel veranderd. Een tiener schreef aan mijn plaatselijke krant:

Mijn vrienden voelen zich vaak niet goed bij wat populair is, maar we dragen het toch. Het is niet altijd de moeite waard om op te vallen. De maatschappij zegt dat we anders maar toch hetzelfde moeten zijn.

Hoe moet je je kleden naar de zin van zowel jezelf als je ouders en je vrienden? Dat kan gewoon niet. Per slot van rekening doen tieners water bij de wijn om erbij te horen. Als we de middelbare school of zelfs de brugklas willen overleven zonder gepest te worden, dan moeten we erbij lopen zoals iedereen.

Wij zijn de aankomende leiders van dit land. We moeten inzien wie we geworden zijn en we moeten veranderen.

(Minneapolis StarTribune, November 16, 2002: A23)

Het is niet makkelijk om een christen-tiener te zijn. Je wilt heel graag leuk gevonden worden. Het kan vreselijk voelen om door je vrienden afgewezen te worden. Maar diep vanbinnen weet je net als deze jonge vrouw dat leven om leuk gevonden te worden slavernij is. En als je bij Jezus hoort, kan die slavernij erger zijn dan afwijzing.

Wat betekent het om cool te zijn?

Cool zijn is alles voor veel tieners. Maar wat is cool? Is dat echt welke telefoon je hebt? Of welke films je gezien hebt, of hoe sterk of snel of knap je bent? Of hoe je haar valt of hoe je lichaam eruit ziet? Jij bent niet gek. Je weet dat het waardeloos en oppervlakkig is om voor die dingen te leven.

Als je beseft dat je in oorlog bent, verandert alles wat cool is.

Wat is cool voor een jonge man van veertien? Ik denk dat het volgende verhaal honderd keer cooler is dan telefoons en kleren en films en spelletjes.

Het is het jaar 1945. De Tweede Wereldoorlog is nog aan de gang. Duizenden tieners willen vechten. De slag om het eiland Iwo Jima was één van de dodelijkste – 6800 Amerikaanse soldaten liggen op dat kleine eiland begraven, onder wie veel tieners.

Jack Lucas had zich op zijn veertiende (in 1942) bij de Marine gepraat. Hij hield de rekruten voor de gek met zijn gespierde bouw. (…) Hij voer als verstekeling mee met een transport vanuit Honolulu en overleefde op het eten dat hem werd toegestopt door vriendelijke mariniers aan boord.

[Op zijn zeventiende] landde hij op D-Day [op Iwo Jima], zonder geweer. Hij griste er één mee die op het strand lag en vocht zich een weg landinwaarts. Een dag later kropen Jack en drie kameraden door een loopgraaf toen er acht Japanners voor hun neus sprongen. Jack schoot één van hen door het hoofd.

Toen blokkeerde zijn geweer. Terwijl hij met zijn wapen worstelde, landde er een granaat voor zijn voeten. Hij schreeuwde een waarschuwing naar zijn maats en ramde de granaat de zachte as in. Onmiddellijk rolde een tweede granaat de loopgraaf in. Jack Lucas, 17 jaar oud, viel bovenop beide granaten. “Luke, je gaat dood,” dacht hij nog. (…)

Aan boord van het ziekenhuisschip de Samaritan geloofden de dokters het amper. “Misschien was hij te (…) jong en te (…) taai om te sterven,” zei één van hen. Hij doorstond eenentwintig operaties en werd de jongste winnaar van de Medal of Honor – en de enige eersteklasser die de medaille ooit kreeg.

(James Bradley, Flags of Our Fathers, 174–175)

Jullie zijn in oorlog

Als je beseft dat je in oorlog bent, verandert alles wat cool is. Als je familie in gevaar is, stop je met piekeren over je kleren en je haar. Er staan belangrijkere dingen op het spel. En we zijn écht in oorlog. De vijand is sterker dan Duitsland, Japan en Italië in de Tweede Wereldoorlog. Sterker zelfs dan alle aardse machten samen. Er wordt elke dag en overal gevochten. En de uitkomst van die oorlog leidt naar de hemel of naar de hel.

Doet aan de gehele wapenrusting Gods, opdat gij kunt staan tegen de listige omleidingen des duivels. (Efeze 6:11)

Strijd de goede strijd des geloofs. (1 Timotheüs 6:12)

Strijd de goede strijd. (naar 1 Timotheüs 1:18)

Want de wapenen van onzen krijg zijn niet vleselijk. (2 Korinthe 10:4)

Gij dan, lijd verdrukkingen, als een goed krijgsknecht van Jezus Christus. (2 Timotheüs 2:3)

… onthoudt [u] van de vleselijke begeerlijkheden, welke krijg voeren tegen de ziel. (1 Petrus 2:11)

Wat is er écht aan de hand?

Zorg dat je niet hoort bij de blinde massa tieners die niet weet wat er aan de hand is. Ze denken dat je op de hoogte moet zijn van de nieuwste films, apps en hits om te weten wat er aan de hand is. Maar die dingen zijn net snijbloemen. Vandaag zijn ze mooi, maar morgen uitgebloeid. Ze zijn zó onbelangrijk vergeleken met dingen die bepalend zijn voor de eeuwigheid.

Wat er echt aan de hand is? Mensen en zelfs hele volken worden door satan gevangen gehouden of door Christus bevrijd. En Christus strijdt zijn bevrijdende strijd door christenen. Ook door christen-tieners.

Maar niet door tieners die zichzelf kapot amuseren. De gemiddelde tiener is zoveel bezig met zichzelf, hoe hij eruitziet en of anderen hem leuk vinden, dat hij een slechte soldaat zou zijn. Een belangrijk kenmerk van soldaten in oorlogstijd is dat hun eigen gemak plaatsmaakt voor het doel van de strijd. Soldaten kunnen de avond voor het gevecht nog kaartspelen, maar als de trompet klinkt geven ze hun leven.

Het slagveld van geld

Neem bijvoorbeeld het slagveld van geld. Het trompetsignaal heeft geklonken. Jij bent de soldaat. Het gevecht is begonnen. Je voelt je misschien niet rijk, maar je hebt een heleboel spullen. Die spullen dreigen jouw ziel te wurgen. Ze liegen tegen je over hoe belangrijk ze zijn en hoeveel voldoening ze geven. (Markus 4:19). En het geld dat je niet hebt dreigt je te vermoorden door een begeerte op te wekken om rijk te zijn.

De grote Generaal stuurt jou een persoonlijk bericht op het slagveld. Lees maar:

Doch die rijk willen worden, vallen in verzoeking, en in den strik, en in vele dwaze en schadelijke begeerlijkheden, welke de mensen doen verzinken in verderf en ondergang. Want de geldgierigheid is een wortel van alle kwaad, tot welke sommigen lust hebbende zijn afgedwaald van het geloof, en hebben zichzelven met vele smarten doorstoken. (1 Timotheüs 6:9–10)

Maakt deze oproep jou wakker? Maakt hij je waakzaam als een soldaat die op wacht staat?

Maar tegelijk met deze waarschuwing stuurt de Generaal ook een belofte. Hij zal je niet alleen achterlaten in dit gevecht:

Uw wandel zij zonder geldgierigheid; en zijt vergenoegd met het tegenwoordige; want Hij heeft gezegd: Ik zal u niet begeven, en Ik zal u niet verlaten. Zodat wij vrijmoediglijk durven zeggen: De Heere is mij een Helper, en ik zal niet vrezen, wat mij een mens zal doen. (Hebreeën 13:5–6)

Het vertrouwen dat de Opperbevelhebber je niet in de steek zal laten op het slagveld maakt je vrij van angst en hebzucht. Dus kijk je vijanden recht in de ogen. Dwing hebzucht en begerigheid om zich over te geven. Sla ze neer met het zwaard van de Heilige Geest en met de veel grotere vreugde van Christus: Ik acht ook alle dingen schade te zijn, om de uitnemendheid der kennis van Christus Jezus”. (Filippenzen 3:8).

Het slagveld van comfort

Of neem het slagveld van comfort en gemak. Bijna alles in jouw leven zet jou onder druk om een zo comfortabel mogelijk bestaan te leiden, met alle gemakken van onze tijd. Maar de grote Generaal stuurt je een bericht, want de vijand omsingelt je. Denk aan de grote strijder Mozes en vecht zoals hij!

Door het geloof heeft Mozes, nu groot geworden zijnde, geweigerd een zoon van Farao’s dochter genoemd te worden; verkiezende liever met het volk van God kwalijk gehandeld te worden, dan voor een tijd de genieting der zonde te hebben; achtende de versmaadheid van Christus meerderen rijkdom te zijn, dan de schatten in Egypte; want hij zag op de vergelding des loons. (Hebreeën 11:24–26)

Voor winnaars in deze strijd is er een beloning. Een grotere beloning dan je je ooit kunt indenken! Maar de vijand wil jou laten geloven dat je alle beloningen in dit leven krijgt. Hij heeft pamfletten achter de linies gestrooid die jou vertellen dat de hemel een sprookje is. Dat je wel gek moet zijn om te leven voor de hemelse beloning en niet voor gemak en comfort in dit leven.

Maar de Opperbevelhebber zet daar onvoorstelbare beloften tegenover. Het maakt niet uit hoe hard je moet vechten. Zelfs al sterf je in Zijn dienst, Hij zal je opwekken en je voor eeuwig de grootste vreugde geven.

Zalig zijt gij, als u de mensen smaden, en vervolgen, en liegende alle kwaad tegen u spreken, om Mijnentwil. Verblijdt en verheugt u; want uw loon is groot in de hemelen; want alzo hebben zij vervolgd de profeten, die voor u geweest zijn. (Mattheüs 5:11–12)

Want onze lichte verdrukking, die zeer haast voorbij gaat, werkt ons een gans zeer uitnemend eeuwig gewicht der heerlijkheid. (2 Korinthe 4:17)

De grote Generaal laat ons op het slagveld weten dat Hij ons niet alleen wil belonen, maar dat Hij zélf onze beloning zal zijn. “Verzadiging der vreugde is bij Uw aangezicht; liefelijkheden zijn in Uw rechterhand, eeuwiglijk.” (Psalm 16:11)

Met dit zwaard in handen dringen we het leger van leugenaars terug – van veiligheid en comfort en gemak – en offeren we onszelf op in dienst van Christus, zelfs in de meest risicovolle missies.

Het slagveld van “ik”

Of neem het slagveld van ego en groepsdruk. Onderschat deze vijand niet! Hij heeft misschien wel meer tieners verslonden dan welke andere tegenstander ook – misschien wel meer dan de vijand die lust heet. Hij komt met vreselijke verhalen over hoe pijnlijk het wel niet zal zijn als je niet op de wereld lijkt. Hij zal je voorliegen en je vertellen dat vernedering en schaamte het enige alternatief is voor de denkbeelden en de mode en de muziek en de films en het seksuele plezier van deze wereld.

De grote Generaal ziet het allemaal. Zijn portofoon zendt steeds weer berichten uit naar Zijn vechtende tieners. Laat je niet bedriegen. Ze zeggen dat je je zult schamen. Nee. Nee! Ze zijn doelloos aan het proberen om hun eigen schaamte in glorie om te zetten. Maar jij ziet de werkelijkheid zoals die is. Zij niet. Ze “wandelen anders; van dewelken ik u dikmaals gezegd heb, en nu ook wenende zeg, dat zij vijanden des kruises van Christus zijn; welker einde is het verderf, welker God is de buik, en welker heerlijkheid is in hun schande, dewelken aardse dingen bedenken.” (Filippenzen 3:18–19).

Zij denken dat ze al het plezier aan hun kant hebben. Maar het is het plezier van een dwaas – net een achtbaan die op het spannendste moment uit de rails vliegt.

Ze zijn verrast als je niet met hen meegaat in hun losbandigheid en ze lachen je erom uit. Maar ze zullen rekenschap moeten geven aan Hem die de levenden en de doden zal oordelen. (1 Petrus 4:4-5)

Jullie zijn degenen die weten wat de werkelijkheid is. Jullie weten wat écht eeuwig duurt en wat écht je hart kan vervullen. Voor hen is alles net gras – het gaat voorbij.

Want alle vlees is als gras, en alle heerlijkheid des mensen is als een bloem van het gras. Het gras is verdord, en zijn bloem is afgevallen; maar het Woord des Heeren blijft in der eeuwigheid; en dit is het Woord, dat onder u verkondigd is. (1 Petrus 1:24–25)

Laat de berichten van de Generaal op je inwerken. Jouw identiteit is dieper en sterker en duurzamer en groter dan wat voor plastic glimlaagje ook dat je vrienden je op proberen te dringen. Jij bent niet van jezelf, “want gij zijt duur gekocht: zo verheerlijkt dan God in uw lichaam en in uw geest” (1 Korinthe 6:19-20). Jij bent Gods dierbare bezit (1 Petrus 2:9). Jij bent een zoon of dochter van de Schepper van het heelal (Romeinen 8:16).

Met deze wapens van waarheid in handen kun je de vuile leugens van groepsdruk verslaan, die je willen laten geloven dat je vrij bent als je zoals de wereld bent.

Laat niemand jouw tienerjaren verachten

We zouden nog veel meer slagvelden kunnen noemen waarop je moet vechten. Maar je snapt het idee. De vijand liegt en de Opperbevelhebber vecht terug met de waarheid. En de waarheid bevrijdt jou (Johannes 8:32).

Als de grote Generaal zegtNiemand verachte uw jonkheid” (1 Timotheüs 4:12), bedoelt Hij: Probeer niet te lijken op het stereotype van de doelloze, zorgeloze, oppervlakkige jeugd. Gooi het roer om. Je hoort bij Christus. Laat de wereld zien dat er ook andere tieners op aarde zijn.

Deze tieners waaien niet met alle trendy winden mee. Ze zijn niet als kwallen die op de stroom van de tijd meedrijven. Ze zijn als bomen die in de zwaarste stormen rechtop blijven. Als dolfijnen die de golven doorsnijden, tegen de stroom in. Ze hebben een doel.

Droom ervan om het soort tiener te zijn dat de wereld niet begrijpt. Misschien, als er genoeg van zulke tieners zijn, zullen mensen ooit een nieuwe naam voor jullie verzinnen. Dan zal het woord “tiener” een voetnoot in de geschiedenisboeken worden.

Deze blogpost is geschreven door John Piper en is overgenomen en vertaald van desiringgod.org.

Advertenties