De Bijbel staat vol met beloften. God belooft mensen vergeving van hun zonden, een eeuwig leven met Hem en nog veel meer. En dat allemaal door het offer van Jezus Christus. Maar veel mensen durven niet te geloven dat dit allemaal aan hén belooft. Misschien herken je dat wel. Charles Spurgeon kwam in zijn gemeente ook mensen tegen die het moeilijk vonden om te geloven. In een boekje schreef hij voor hen het volgende:

Ik heb eens gehoord van een zondagsschoolonderwijzer, die een proef nam, die ik denk ik nooit bij kinderen zou toepassen. Het zou wel eens een heel dure proef kunnen worden. Ik voel me er zeker van dat in mijn geval het resultaat heel anders zou zijn dan wat ik nu beschrijf.

Deze onderwijzer had geprobeerd duidelijk te maken wat geloof was. Toen hij het zijn jongens niet aan het verstand kon brengen, haalde hij zijn horloge te voorschijn, en zei: “Ik wil je dit horloge geven, John. Wil je het hebben?” John ging nadenken over wat de bedoeling van de onderwijzer kon zijn, en hij pakte het horloge niet aan, maar hij gaf ook geen antwoord. De onderwijzer zei tegen de jongen naast hem: “Henry, hier is het horloge. Wil je het hebben?” De jongen antwoordde met gepaste bescheidenheid: “Nee, meneer, dank u.”

De onderwijzer stelde nog een aantal andere jongens op de proef, met hetzelfde resultaat. Totdat tenslotte een jongen die niet zo slim was als de anderen, maar wel geloviger, op de natuurlijkste manier zei: “Alstublieft, meneer,” en het horloge in zijn zak stak. Toen werden de andere jongens zich van een verrassend feit bewust: hun vriend had een horloge gekregen, dat zij hadden geweigerd.

Eén van de jongens vroeg aan de onderwijzer: “Mag hij het houden?” “Natuurlijk,” zei de onderwijzer. “Ik bood het hem aan en hij aanvaardde het. Ik wilde niet iets geven en iets nemen, dat zou heel raar zijn. Ik hield jullie het horloge voor en zei dat ik het aan jullie gaf, maar geen van jullie wilde het hebben.” “Nou,” zei de jongen, “als ik had geweten dat u het meende, dan zou ik het gehad hebben.” Natuurlijk zou hij dat. Hij dacht dat het een stukje toneelspel was, en niets meer.

Alle andere jongens waren verschrikkelijk opgewonden bij de gedachte, dat zij zich het horloge hadden laten ontglippen. Iedereen riep: “Meester, ik wist niet, dat u het meende, maar ik dacht…” Niemand nam de gift aan, maar iedereen dacht. Ieder had zijn theorie, behalve de argeloze jongen, die geloofde wat hem werd gezegd en die het horloge kreeg.

Ik zou willen dat ik altijd zo’n eenvoudig kind kon zijn, zodat ik letterlijk geloof wat de Heere zegt, en aanneem wat Hij mij voorhoudt. Volkomen tevreden erop vertrouwend, dat Hij niet met mij speelt. Dat ik er niet verkeerd aan doe als ik aanneem wat Hij mij in het Evangelie belooft. Wij zouden gelukkig zijn, als we zouden vertrouwen en geen vragen, van welke aard ook, opwierpen.

Maar helaas, wij gaan nadenken en twijfelen. Wanneer de Heere Zijn dierbare Zoon aan een zondaar aanbiedt, dan moet die zondaar Hem zonder aarzeling aannemen. Als je Hem aanneemt, dan bezit je Hem, en niemand kan Hem je ontnemen. Strek je hand uit  en neem Hem onmiddellijk aan!

Wanneer zoekers de Bijbel aannemen als letterlijk waar, en inzien dat Jezus werkelijk wordt gegeven aan allen die op Hem vertrouwen, dan verdwijnt elke moeilijkheid om de weg tot de zaligheid te begrijpen als de rijp in de morgen, bij het opkomen van de zon.

Foto door Kjartan Einarsson via Unsplash

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s